2005-2006 - Tijl ?

Me zin wére weg

TrommelaarsIk hou al heel m’n leven van de vrouwen. Naar mijn bescheiden mening is daar niets mis mee. Maar wat velen niet weten is dat mijn eerste lief, en trouwens de enige waarmee ik nooit miserie heb gehad, de trommel is. Ik herinner mij nog heel goed de eerste keer dat ik een trommel in ’t echt zag. We schrijven 1964. Ik zat in het derde kleuter bij Zuster Lucie. We mochten met echte instrumenten een muziekstukje ten berde brengen. Mijn aandacht werd meteen getrokken door de grote witte, houten trommel met felrode randen. Ik stond helaas helemaal achteraan in de rij en moest met lede ogen toezien hoe Rikske van de schoenwinkel zich het felbegeerde instrument toeeigende. Ook de tamboerijn, de sambaballen, de xylofoon werden aan een andere gelegenheidsmuzikant toegewezen. Ik moest het stellen met een triangeltje ter grote van een nacho. Ik ben de frustratie nog altijd niet te boven gekomen en Rikske is nooit meer mijne vriend geweest. Later ben ik lid geworden van de drumband van St.-Jozef. Nog voor ik in het eerste studiejaar zat. Nog voor ik groot genoeg was om de diepe trommel te dragen die nog over de grond sleepte. Maar ik had al mijn kostuumke en ik mocht links vooraan lopen op grote optredens - zoals Waregem-Madrid - als minitamboer-majoor. Jarenlang heeft het leven mij genoodzaakt om de trommel op te bergen. Maar nu, bij de Zorgelozen, ben ik opnieuw bij de trommelaars. We zijn met vijf: Filip, Magali, Pieter, Henk en ik. Tijdens de repetities vind ik de warmte uit mijn jeugd terug en straks zullen we opnieuw marcheren en alles doen trillen. Hier krijg ik opnieuw kippenvel als we de eerste mars inzetten en ik weer dat gevoel krijg van: ‘Me zin wére weg’. Nu nog mijn kracht vinden én leren controleren. Daarna kan ik me weer verdiepen in jeugdsentiment.

Philippe Masselus

 

created by PixelShape